Aanpak · · 6 min leestijd

Van klassikaal naar blended: wat er verandert voor je trainers

De grootste weerstand tegen digitale training komt zelden van de deelnemers. Hij komt van de trainers, en dat is een terechte zorg die je serieus moet nemen.

M

Milan Stark

Business development, STARK Learning

Deelnemers volgen een klassikale sessie in een leslokaal

De onuitgesproken zorg

Wanneer een organisatie besluit training deels te digitaliseren, komt het bezwaar zelden hardop. Wat je hoort is dat het onpersoonlijk wordt, dat je de zaal moet aanvoelen, dat een module de discussie niet vervangt.

Wat er onder zit is iets anders: als de kennisoverdracht digitaal gaat, wat blijft er dan van mijn rol over?

Dat is een reële vraag en hij verdient een echt antwoord, want een trainer die zich overbodig voelt gemaakt, is de meest effectieve rem die er bestaat. Hij hoeft niets tegen te houden, het volstaat om lauw te zijn tegenover de groep.

Wat er echt verandert

Blended betekent niet minder trainer. Het betekent dat het saaiste deel van zijn werk verdwijnt.

Nu besteedt een trainer een aanzienlijk deel van de dag aan het overbrengen van basiskennis: definities, regelgeving, systeemopbouw. Dat is nodig, maar het is precies het deel dat een module beter doet, in ieders eigen tempo, herhaalbaar, en zonder dat de één zit te wachten op de ander.

Wat overblijft in de zaal is het deel waarvoor je een mens nodig hebt: de discussie over hoe het hier werkelijk gaat, de vraag waar de procedure schuurt met de praktijk, het oefenen met iemand die corrigeert, en het gesprek dat pas ontstaat als iemand durft te zeggen dat hij het al drie jaar anders doet.

Dat is inhoudelijk zwaarder werk, niet lichter. En het is het werk waarvoor een ervaren trainer is aangenomen.

De omgekeerde volgorde

De praktische kern van blended is dat de volgorde omdraait. Nu: eerst de uitleg in de zaal, daarna zelf toepassen. Straks: eerst zelf de kennis doornemen, daarna in de zaal toepassen.

Dat heeft één harde voorwaarde: mensen moeten de voorbereiding daadwerkelijk hebben gedaan. Gebeurt dat niet, dan begint de trainer alsnog met uitleggen, de voorbereide deelnemers vervelen zich, en na twee keer is het vertrouwen weg.

Dat afdwingen is een organisatievraag, geen trainingsvraag. Reserveer de tijd expliciet in het rooster in plaats van te verwachten dat het er wel bij past, en maak de deelname zichtbaar voor de leidinggevende.

Hoe je het invoert

Drie dingen bepalen of de omslag slaagt.

Betrek de trainers bij het ontwerp. Zij weten welke vragen elke groep stelt en waar het altijd misgaat, dat is het beste materiaal voor de digitale voorbereiding. Bovendien is meebouwen de snelste weg van weerstand naar eigenaarschap.

Begin met één programma. Niet de hele opleidingscatalogus tegelijk. Kies er één, evalueer eerlijk met de trainer, en pas aan.

Wees expliciet over wat de trainerstijd wordt. Als de klassikale dag halveert, is de vraag wat er met die uren gebeurt. Gaat het naar meer groepen, naar betere begeleiding op de werkplek, of verdwijnt het? Dat antwoord bepaalt of je trainers meewerken, en het is eerlijker om het vooraf te geven dan het te laten raden.

De overstap naar blended raakt meer dan één programma. Wat het betekent voor je opleidingsaanbod als geheel, staat in de gids over een bedrijfsacademie opzetten of vernieuwen. Wat blended in de praktijk inhoudt, lees je bij blended learning.

Wil je je trainers meekrijgen in de omslag?

Vertel ons wat er speelt, we denken graag mee over een aanpak die past bij jouw mensen en installatie.

M

Milan

Business development, STARK Learning