ATEX (ATmosphères EXplosibles) is een Europese richtlijn die de eisen stelt aan apparatuur en beschermingssystemen die worden gebruikt in explosiegevaarlijke omgevingen. De richtlijn bestaat uit twee delen: ATEX 114 (apparatuurrichtlijn) en ATEX 153 (werkplekrichtlijn). In de praktijk verwijst 'ATEX-training' naar het opleiden van medewerkers die werken in zones waar brandbare gassen, dampen, nevels of stof aanwezig kunnen zijn.
Een explosie in een industriële omgeving heeft catastrofale gevolgen. ATEX-zonering, de juiste apparatuurkeuze en het correcte gedrag van medewerkers zijn de drie lagen die samen een explosie voorkomen. Als één laag faalt, dragen de andere twee. Training is de meest directe manier om de menselijke laag betrouwbaar te maken.
In gastransport, de petrochemie, offshore platforms en waterstofinstallaties werken mensen dagelijks in ATEX-zones. Zone 0, 1 en 2 (gas/damp) en zone 20, 21 en 22 (stof) zijn niet altijd zichtbaar afgebakend, medewerkers moeten weten in welke zone ze werken en wat dat betekent voor hun gereedschap, kleding en gedrag. Incident- en bijna-incident analyses laten zien dat fouten vaak ontstaan doordat mensen de zone-indeling wel kennen maar de praktische consequenties niet internaliseren.
Welke ATEX-zones bestaan er en wat betekenen ze?
Hoe vaak moet ATEX-training herhaald worden?
Wil je ATEX toepassen in jouw trainingsprogramma?
We denken graag mee over de aanpak die past bij jouw installatie, doelgroep en tijdlijn.
Milan
Business development, STARK Learning